Nieuws

Printen Twitter LinkedIn Facebook

Het onderwijs is meest optimistische sector over het effect van technologische innovaties

’s-Hertogenbosch, 8 april 2013 – De onderwijssector is optimistischer dan de collega’s uit andere sectoren wanneer het aankomt op het effect van technologie. Van de leidinggevenden in het onderwijs gelooft 90 procent dat technologie hen vindingrijker en creatiever op het werk maakt, 80 procent zegt dat hij productiever is geworden. Bij collega’s in de financiële dienstverlening, gezondheidszorg en publieke sector zijn deze percentages niet zo hoog. De inzichten zijn afkomstig uit een studie genaamd Humans and Machines, uitgevoerd door de Economist Intelligence Unit en ondersteund door Ricoh.

De studie onderzoekt het effect van technologie op menselijke creativiteit en intuïtie binnen grote branches. De meerderheid (71%) van de leidinggeven in het onderwijs zegt tevens dat technologie hen heeft geholpen met het nemen van goede beslissingen. Nog eens 72 procent geeft aan dat de interactie tussen professionals en technologie een groot voordeel zal vormen voor de economie als geheel. Dit percentage is weer het hoogste van alle ondervraagde sectoren.

De technologische vooruitgang kent ook een keerzijde. Wanneer het optimisme namelijk wordt omgezet in resultaten, dan is de grootste uitdaging voor leidinggevenden in het onderwijs dat technologie zich sneller ontwikkelt dan de ondersteunende processen of het vermogen om de technologieën te gebruiken. Van hen geeft 52 procent aan dat dit het geval was. Bijna negen van de tien respondenten in de onderwijssector zijn het erover eens dat de interactie tussen mensen en technologie alleen waarde zal toevoegen wanneer mensen creatiever zijn met de processen die ontwikkeld zijn om de twee te verbinden.

“De positiviteit van internationale leidinggevenden in het onderwijs is bemoedigend, omdat de sector zich richt op de transformatie voor de toekomst”, zegt Mark Boelhouwer, CEO Ricoh Nederland. “Maar de snelheid van verandering is hoog en wordt aangedreven door technologie en de studenten die het onderwijssysteem binnenkomen. Het is eveneens noodzakelijk dat administratieve omgevingen en leeromgevingen hun manier van werken herzien en veranderen. Efficiëntere en innovatievere processen zijn vereist voor verschillende functies; van het aantrekken van nieuwe studenten tot inschrijving en studentendiensten.”

De beloningen voor degenen die in staat zijn om de door technologie aangedreven veranderingen bij te houden zijn hoog. Het hoger onderwijs kan bijvoorbeeld omvangrijke gegevens analyseren om de studentenprocessen te verbeteren en concurrerend te blijven. Door een gedigitaliseerd toepassingsproces en gegevensanalyse over te nemen, kunnen universiteiten gepersonaliseerde informatie over de studies en persoonlijke interesses aanbieden. Het proces zal tevens helpen om de algehele marketing- en productiekosten te reduceren, omdat on-demand productie het algehele volume van aangemaakte informatie zal terugdringen en de opslagkosten zal reduceren.

Verdere efficiëntie wordt behaald door alle gegevens te beheren via een clouddienst. Dergelijke geoptimaliseerde processen verhogen de snelheid, waardoor onderwijsinstellingen zich sneller kunnen aanpassen aan technologische veranderingen. Een verbeterde efficiëntie ondersteunt ook de instellingen die financiering aanvragen bij de Europese Commissie. De EC investeert jaarlijks 150 miljoen euro extra op elk Europees niveau. Volgens de commissie moeten de universiteiten eerst proberen te garanderen dat de bestaande bronnen efficiënt worden gebruikt om de financiering te ontvangen.

De noodzaak om efficiënt en concurrerend te blijven, is tevens essentieel vanwege de groeiende populariteit van Massive Open Online Courses (MOOCs). Dit model biedt het aantrekkelijke visioen van democratisch onderwijs waardoor miljoenen mensen een opleiding kunnen krijgen, ook zij die nooit de mogelijkheid zouden hebben om naar een universiteit te gaan. Tot nu toe komen de meesten uit de VS en zij hebben de mogelijkheid om het gezicht van tertiair en zelfs secundair onderwijs te veranderen.

De toekomstige concurrentie kan zelfs van het bedrijfsleven komen. Wim Westera, natuurkundige en onderwijskundig technicus bij de Open Universiteit van Nederland, stelt in het rapport van de Economist Intelligence Unit: “Indien het hoger onderwijs blijft zoals het nu is, met het model van colleges uit de negentiende eeuw, nemen Google University en Walt Disney University binnen tien jaar het onderwijs over.”

De respondenten van het onderzoek geloven echter dat de interactie met een echt persoon essentieel zal blijven in het toekomstige onderwijs. Op de vraag waar menselijke intuïtie het meest essentieel was, was het meest populaire antwoord het onderwijs zelf (34%). Dit antwoord werd op de voet gevolgd door de ontwikkeling van nieuwe lesmaterialen met 27 procent. Het is zeer waarschijnlijk dat het nieuwe leren betekent dat de rol van leraren en lezingen in het klaslokaal zal veranderen in plaats van verdwijnen.

“De deelnemers aan het onderzoek omarmen op positieve wijze de voordelen die de technologie in de toekomst kan toevoegen aan het educatieve systeem”, zegt Mark Boelhouwer. “Echter, het vergroten van de snelheid van veranderingen en het transformeren van de traditionele werkwijzen zijn essentieel, wanneer de technologische vooruitgang de kenniseconomie blijft stimuleren en zo de behoeften en eisen van de volgende generatie ondersteunt.”

Download de inzichten op http://thoughtleadership.ricoh-europe.com/nl

Naar begin